door Petra Mommersteeg
Een mooie zonnige middag in maart. Met vogelkijker en fiets meld ik mij bij Stef van den Bergh, want we gaan op zoek naar tureluurs, kieviten en kemphanen die in deze tijd van het jaar hun eerste eieren leggen. We gaan naar de Oostermeent waar natuurgebied De Kampen aan de Harderwijkerweg deel van uitmaakt.
Stef, die in Blaricum woont en hoefsmid is, is hier samen met Tonnie Loman verantwoordelijk voor het beheer in dienst van de Agrarische Stichting Blaricum (ASB). De Oostermeent ligt in Noord-Holland, pal naast de Utrechtse Eempolder. In Noord-Holland is Staatsbosbeheer de baas, in Utrecht Natuurmonumenten. De grauwgrijze Gooijergracht vormt een natuurlijke grens tussen beide provincies, waar de weidevogels zich overigens niets van aantrekken.
Voorjaar in de Oostermeent
We fietsen langs theetuin Brave Hendrik. Nog één boerderij en dan houdt de bebouwing op. In de verte het gemaal van Eemnes. Bij het Eemmeer stoppen we. Op de golfjes dobberen duizenden eendjes. Vanavond gaan ze aan land om te eten. Overdag eisen gulzige ganzen en grutto’s daar hun plek op. Boven onze hoofden vliegen gakkende brandganzen in grote troepen en Stef wijst mij op de vele hazen in het gras. Aan de overkant op het eiland zien we het nieuwe nest van een zeearend. Er heerst verder een ongelooflijke rust in dit gebied.
Van boerenland naar natuurgebied
Meer dan duizend jaar had dit unieke restant oud erfgooiersbezit een agrarische bestemming. De aanleg van nieuwe woonwijken in Blaricum en Huizen en de aanleg van de A27 waren een aanslag op de vogelstand. In 2020 kreeg De Kampen daarom, net als de Oostermeent een paar jaar eerder, een natuurbestemming en hebben ASB, Staatsbosbeheer en Natuurmonumenten de handen ineengeslagen waardoor de aantallen kieviten, grutto’s, tureluurs en kemphanen weer gestaag toenemen. Stef vertelt enthousiast over zijn werk. Samen met Tonnie bepaalt hij wanneer de slagbomen van het gebied worden gesloten zodat de vogels rust en tijd krijgen om hun eieren te leggen en uit te broeden. De Blaricummer Jachtclub jaagt dan op de vossen, die in deze kraamkamer altijd op zoek zijn naar lekkere hapjes, in overleg met Staatsbosbeheer.
Plasdras als sleutel
We klimmen over de hekken om kievitseieren te zoeken. ‘Ze leggen er bijna altijd vier,’ vertelt Stef en wijst op een nest in het weiland met bruin gespikkelde eitjes. Ik stond er bijna op. Dat er weer zo veel kieviten en andere vogels zijn, is een gevolg van de plasdras. Tijdens het broedseizoen wordt op een aantal plekken het grondwaterpeil verhoogd tot 20 cm onder het maaiveld door middel van een pomp, aangedreven door zonnepanelen. In deze plasdras vinden weidevogels makkelijker hun wormen die dicht onder de oppervlakte leven. De plasdras vertraagt de groei van het gras waardoor andere grassoorten en kruiden een kans krijgen en dat heeft weer een gunstige invloed op het aantal insecten waar vooral de kuikentjes van smullen. ‘Alles voor de weidevogels,’ zegt Stef tevreden. Wat een prachtig Blaricums ecosysteem.
Recente reacties